Mollema maakt indruk in Vuelta

Geschreven op 14 september 2011

Bauke Mollema heeft de Vuelta afgesloten met een vierde plaats in het eindklassement. Voor het eerst sinds de Tour van ’98 (vijfde plaats van Michal Boogerd) staat er een Nederlander bij de beste vijf in het eindklassement van een grote ronde. Daarnaast pakt hij tijdens de eindsprint van de slotetappe net genoeg punten om de groene trui aan te mogen trekken. Mollema volgt hiermee Jan Jansen op die hetzelfde presteerde in 1968. En om de prestatie van de Raborenner nog historischer te maken: het is de eerste trui voor een Nederlander sinds de witte trui van Eddy Bouwmans in de Tour van ’92.


Mollema die al jaren als een groot talent voor het rondewerk geldt lost met deze Vuelta zijn belofte in. De Groninger begint pas laat met fietsen, maar haalt snel de achterstand op zijn leeftijdsgenoten in. In 2007 breekt  hij door, toen nog als amateur bij het continental team van Rabo, met de eindzege in de Ronde van de Toekomst. Als beloning krijgt hij een contract bij de profploeg. Tijdens zijn eerste jaren als prof kent Mollema heel wat tegenslag. Zo is hij een tijd lang uitgeschakeld met de ziekte van Pfeiffer. Ondanks zijn fysieke tegenslag laat Mollema zien dat hij een groot klimtalent is. Dit wordt in 2010 bevestigd wanneer hij in zijn eerste grote Ronde gelijk 9e wordt in de Giro. Hij weet dan al dat hij een jaar later de Tour mag rijden. Maar tijdens de afgelopen Tour laat zijn lichaam hem weer in de steek. Na griepverschijnselen in de eerste week kan hij zijn klassementsambities vergeten. In de derde week komt de Groninger echter sterk terug en wordt hij nog tweede in een etappe.
  
Na de toch ietwat teleurstellende Ronde van Frankrijk is het extra knap dat hij vier weken later geheel fit aan de start van de Vuelta verschijnt. Terwijl de meeste Tourrijders erin de Spaanse ronde al snel doorheen zakken kan Mollema elke dag met de beste mee. Hij rijdt een uiterst stabiele ronde. Mensen om hem heen geven aan dat hij koel is in het hoofd en zich niet gek laten maken. Een eigenschap die in het huidige peloton een vereiste is voor een ronderenner. De kopman van de Raboploeg maakt geen fouten en heeft eigenlijk geen enkele slechte dag. Alleen tijdens de rit naar de belachelijk zware Alto de Angliru kent hij een wat minder moment. Het is tevens de dag dat het podium voor hem uit zicht raakt. Toch geeft hij niet op en maakt hij handig gebruik van de bonificatieseconden om nog dicht bij nummer drie Bradley Wiggins te komen. Hij komt uiteindelijk net een paar seconden te kort.

De kers op de taart, zoals ploegleider Dekker het noemde, is de groene trui. Mollema draagt gedurende de drie weken al de rode leiderstrui en de witte combinatietrui. De derde en laatste trui mag hij ook daadwerkelijk mee naar huis nemen. Een vierde plaats en een trui is een historische prestatie en één die veel vertrouwen wekt voor de toekomst. Samen met Robert Gesink, Steven Kruiswijk en Wout Poels heeft Nederland plots vier man die de komende jaren mee kunnen doen in het hooggebergte. Het zou zomaar kunnen dat Mollema daarbij de meest stabiele factor zal blijken te zijn.

Reacties