Cadel Evans heeft als eerste Australiër de Tour de France op zijn naam geschreven. Na een foutloze Ronde bleef de renner van BMC Andy en Fränk Schleck voor in Parijs. Evans overtuigde met name door geen fouten te maken deze Tour en door op de belangrijke momenten rustig te blijven. Na twee tweede plaatsen, in 2007 achter Contador en in 2008 achter Sastre, stond Evans op 34-jarige leeftijd alsnog op de hoogste trede van het podium op in Parijs.
Dat Evans met een uitstekende vorm aan de Tour begonnen was bleek gelijk al in de eerste etappes. Hij werd vlak achter een uitmuntende Philippe Gilbert tweede in de eerste etappe naar Mont des Alouettes. Een paar dagen later won hij versassend de sprint op de Mûr-de-Bretagne in etappe 4. Daarnaast bleef de Australiër als één van de weinige overeind tijdens de massale valpartijen die het peloton de eerste week teisterden. Het gaf aan dat hij scherp was en controle had over zijn BMC-ploeg, die hem contstant van voren hield.
In de Pyreneeën-etappes bleef hij bij zijn rivalen en kende hij geen slechte momenten. Evans toonde zijn vorm en durf door in de etappe naar Gap in de afdaling met stromende regen weg te rijden bij zijn concurrenten. Het zei veel over zijn vorm, maar nog meer over het vertrouwen dat de Australiër in zich zelf had. Evans die in het verleden nog wel eens werd gezien als een initiatiefloze renner verraste nu plots het peloton.
Toch was de overwinning één moment flink in gevaar. Tijdens de rit naar de Galibier wist Andy Schleck Evans te verrassen door al op de voorlaatste klim aan te vallen. Met behulp van vooruitgeschoven ploegmaats pakte hij maar liefts vier en een halve minuut op de BMC-kopman. Evans twijfelde een moment en keek als vanouds naar de rest om het gat dicht te rijden maar besloot dan toch rijden. En in zijn ééntje dichtte hij het gat op de Galibier tot dik twee minuten. Daar toonde hij opnieuw geen wieltjeszuiger meer te zijn maar de koers te kunnen dragen en daar op de flanken van de Galibier won hij ook de Tour.
Andy Schleck en Contador probeerden een nieuwe stunt de volgende dag maar moesten op de Alpe d’Huez inzien dat Evans bergop sterker was dan ooit. Evans die voor de tijdrit in Grenoble nog een minuut moest goedmaken op Andy Schleck maakte er twee en een half goed en verpulverde zijn concurrenten. Hoewel een tweede ritzege er net niet inzat gaf hij zijn Tourzege exra glans door in een man-tegen-man-gevecht overduidelijk de sterkste te zijn.
Hoe knap en foutloos deze Tour van Evans ook was de vraag is of hij ook volgend jaar nog kans zal maken op de eindzege. Een belangrijke reden voor deze zege was het feit dat zijn concurrenten één voor één (uit)vielen of hun niveau niet haalden. Wiggins en Van den Brouck die beiden grootse vorm toonden in de Dauphiné Liberé konden in de eerste week al naar huis met diverse breuken. Onze eigen Robert Gesink ging in de vijfde etappe zo hard tegen het asfalt dat hij geen moment de renner was die dit seizoen indruk maakte in de etappekoersen. Hetzelfde gold voor de gedoodverfde favoriet Alberto Contador die vermoeid na een zware Giro te vaak viel of achter valpartijen zat om een vuist te kunnen maken. En Andy Schleck? Die werd voor een derde keer op rij tweede. Hij gokte door te willen pieken in de derde week. Dat lukte maar zijn niveau was in de twee weken daarvoor niet hoog genoeg om het verschil met Evans te maken. Mochten een paar van deze namen een volgende Tour iets minder pech meemaken of iets slimmer koersen dan lijkt een tweede zege van Evans erg moeilijk te worden.
Reacties
Een reactie posten